Elke keer dat je als ondernemer iets verkoopt of verhuurt, ontstaat er een overeenkomst. Dit brengt rechten en plichten met zich mee. Je verplicht je tot het leveren van een prestatie waar jouw klant recht op heeft. Een overeenkomst kan ook duidelijkheid scheppen over de werkrelatie met een opdrachtgever. Als freelancer of zzp’er is het belangrijk om te weten wanneer een overeenkomst of contract geldig is en welke regels van toepassing zijn.

Mondeling of schriftelijk

Een overeenkomst ontstaat wanneer iemand een aanbod doet en de ander dit accepteert. Dit kan zowel mondeling als schriftelijk gebeuren. Beide vormen zijn juridisch bindend, maar het kan lastig zijn om het bestaan en de inhoud van een mondelinge afspraak te bewijzen. Daarom is het verstandig om afspraken altijd schriftelijk vast te leggen. Zo weet iedereen precies wanneer het contract geldig is en welke regels gelden. Komt de contractpartner de afspraken niet na? Dan kun je naar de rechter stappen of een incassobureau of deurwaarder inschakelen.

Algemene voorwaarden

Het is veel werk om voor elke klant een nieuw contract op te stellen. Daarom zijn algemene voorwaarden handig. Hiermee leg je standaardbepalingen vast, zodat je niet telkens opnieuw hoeft af te spreken onder welke voorwaarden je werkt. Het opstellen van algemene voorwaarden is niet verplicht, maar kan wel nuttig zijn bij conflicten. Voor grote projecten kan het toch nodig zijn om een speciaal contract op te stellen, ondanks het bestaan van algemene voorwaarden.

Inhoud van een contract

Een contract beschrijft meestal het product of de dienst die je levert, de prijs en de aanvaarding door de klant. Daarnaast bevat het afspraken over onder andere de duur van het contract, opzegtermijn, levering, gevolgen bij niet-nakoming, betalingstermijn en garantie. De inhoud wordt ook beïnvloed door wetgeving, gewoonte en redelijkheid. Verkoop je op afstand aan consumenten, bijvoorbeeld via internet, telefoon of post? Dan gelden extra regels ter bescherming van de consument.

Ongeldigheid van een contract

Voorbeelden van contracten zijn de overeenkomst van opdracht, koopovereenkomst, huurcontract, vennootschapscontract en arbeidscontract. Voor een geldig contract moet iemand handelingsbekwaam zijn: minimaal 18 jaar, niet onder curatele en bevoegd om namens het bedrijf te tekenen. Controleer dit via het Handelsregister. Een contract kan ongeldig worden verklaard als de inhoud strijdig is met wet, goede zeden, openbare orde of redelijkheid. Ook kan ontbinding plaatsvinden bij dwaling, bedreiging, bedrog of misbruik.

Modelovereenkomst

Bij langdurige opdrachten voor één opdrachtgever is het soms onduidelijk of er sprake is van een dienstverband. Om dit helder te maken, kun je een modelovereenkomst gebruiken. Volgens de wet DBA (Deregulering Beoordeling Arbeidsrelatie) zijn opdrachtgevers en opdrachtnemers samen verantwoordelijk voor fiscale gevolgen als de Belastingdienst een dienstverband vaststelt. De wet DBA en modelovereenkomsten vervingen de Verklaring Arbeidsrelatie (VAR) sinds 1 mei 2016. De handhaving van de wet DBA is uitgesteld tot 2018, waardoor het gebruik van modelovereenkomsten niet verplicht is, maar wel aanbevolen. Op de website van de Belastingdienst kun je modelovereenkomsten downloaden per branche en beroepsgroep.

Belangrijke punten die in een overeenkomst moeten staan, zijn onder andere:

  1. De identiteit van de bevoegde partijen;
  2. Bevoegdheid van de ondertekenaars en beschikbaarheid van diensten of goederen;
  3. De rechtsgrond van de overeenkomst (bijvoorbeeld koop of huur);
  4. De te leveren prestaties;
  5. Voldoen aan wettelijke voorschriften, zoals het Burgerlijk Wetboek;
  6. Beschikking over voldoende informatie door beide partijen;
  7. Details over hoe, waar en wanneer wordt geleverd;
  8. Kwaliteit en kwantiteit van de leverantie;
  9. Regeling van het transport en verantwoordelijkheden;
  10. Eventuele schadeafspraken;
  11. Moment waarop risico van schade of verlies overgaat;
  12. Zorg en kosten voor eventuele verzekeringen;
  13. Betaalwijze, valuta en termijn;
  14. Gewenste zekerheden voor risicoafdekking (aanbetaling, bankgarantie, borg, etc.);
  15. Sancties bij niet-nakoming (bijvoorbeeld boetes of rente);
  16. Geschiloplossing;
  17. Bevoegde arbiter of rechter;
  18. Noodzaak van ketting- of derdenbedingen;
  19. Kostenverdeling van de overeenkomst;
  20. Beëindiging van de overeenkomst (bij nakoming, opzegging, verloop, overlijden);
  21. Toepasselijk recht bij internationale uitvoering;
  22. Eventuele aanvullende afspraken over belastingen, zoals btw.